Kwaliteit van perslucht volgens ISO 8573-1: de zuiverheidsklassen goed begrijpen

Kwaliteit van perslucht volgens ISO 8573-1: de zuiverheidsklassen goed begrijpen

Hoe schoon en droog perslucht moet zijn, hangt af van de toepassing. Om de kwaliteit van perslucht eenduidig te beschrijven, wordt internationaal de normenreeks ISO 8573 gebruikt. Het belangrijkste deel, ISO 8573-1, deelt perslucht in zuiverheidsklassen in op basis van drie belangrijke soorten verontreiniging: vaste deeltjes, water en olie.

Maar wat betekent bijvoorbeeld ISO 8573-1 [2:4:1]? Wat houdt klasse 0 in? En welke behandeling is nodig om de gewenste persluchtkwaliteit te bereiken? In dit artikel leggen we uit hoe de zuiverheidsklassen werken en hoe je ze correct interpreteert.

Wat is ISO 8573-1?

De ISO 8573-reeks beschrijft verontreinigingen in persluchtsystemen en de methoden waarmee deze kunnen worden beoordeeld. ISO 8573-1:2010 is het deel waarin de zuiverheidsklassen voor perslucht zijn vastgelegd.

Daarbij worden drie soorten verontreiniging afzonderlijk beoordeeld:

  • Vaste deeltjes, zoals stof, roest en slijtagedeeltjes;
  • Water, als waterdamp of vloeibaar condensaat;
  • Olie, waaronder vloeibare olie, olie-aerosolen en oliedamp.

De norm bepaalt hoe de persluchtkwaliteit wordt beschreven, maar schrijft niet automatisch voor welke klasse een bepaalde machine, branche of toepassing nodig heeft. Dat hangt af van het proces, de voorschriften van de machinefabrikant en eventuele aanvullende kwaliteits- of branche-eisen.

Hoe lees je een ISO 8573-1-klasse?

De persluchtkwaliteit wordt weergegeven met drie posities:

ISO 8573-1 [A:B:C]

  • A = vaste deeltjes
  • B = water
  • C = olie

Een aanduiding zoals [2:4:1] betekent dus niet simpelweg "klasse 2". De perslucht voldoet in dat geval aan deeltjesklasse 2, waterklasse 4 en olieklasse 1.

De drie waarden moeten altijd afzonderlijk worden beoordeeld.

Zuiverheidsklassen volgens ISO 8573-1:2010

Onderstaande tabel geeft een compact overzicht van de belangrijkste grenswaarden. Voor deeltjesklasse 1 tot en met 5 staan de maximale aantallen per m³ voor de deeltjesgroottes 0,1–0,5 / 0,5–1,0 / 1,0–5,0 µm. Vanaf klasse 6 wordt voor deeltjes de massaconcentratie gebruikt.

Kenmerk Waarde
Klasse 0Deeltjes, water en olie: maatwerk, strenger dan klasse 1
Klasse 1Deeltjes: ≤ 20.000 / ≤ 400 / ≤ 10
Water: ≤ −70 °C
Olie: ≤ 0,01 mg/m³
Klasse 2Deeltjes: ≤ 400.000 / ≤ 6.000 / ≤ 100
Water: ≤ −40 °C
Olie: ≤ 0,1 mg/m³
Klasse 3Deeltjes: – / ≤ 90.000 / ≤ 1.000
Water: ≤ −20 °C
Olie: ≤ 1 mg/m³
Klasse 4Deeltjes: – / – / ≤ 10.000
Water: ≤ +3 °C
Olie: ≤ 5 mg/m³
Klasse 5Deeltjes: – / – / ≤ 100.000
Water: ≤ +7 °C
Olie: –
Klasse 6Deeltjes: 0 < Cp ≤ 5 mg/m³
Water: ≤ +10 °C
Olie: –
Klasse 7Deeltjes: 5 < Cp ≤ 10 mg/m³
Water: ≤ 0,5 g/m³ vloeibaar
Olie: –
Klasse 8Water: > 0,5 tot ≤ 5 g/m³ vloeibaar
Klasse 9Water: > 5 tot ≤ 10 g/m³ vloeibaar
Klasse XDeeltjes: > 10 mg/m³
Water: > 10 g/m³ vloeibaar
Olie: > 5 mg/m³

Dit is een vereenvoudigd overzicht van ISO 8573-1:2010. Voor een formele specificatie en beoordeling is de volledige normtekst leidend.

Zuiverheidsklassen voor vaste deeltjes

Vaste deeltjes kunnen via de aangezogen omgevingslucht in het persluchtsysteem terechtkomen. Ook corrosie, vervuilde leidingen en slijtage kunnen extra deeltjes veroorzaken.

Voor deeltjesklasse 1 tot en met 5 wordt gekeken naar het maximale aantal deeltjes binnen verschillende groottebereiken. Hoe lager de klasse, hoe strenger de toegestane grenswaarden. Bij klasse 6 en 7 wordt de massaconcentratie in mg/m³ gebruikt.

Voor het reduceren van vaste deeltjes worden geschikte persluchtfilters gebruikt. Wanneer een fijnere filtratie nodig is, kunnen microfilters worden toegepast.

Zuiverheidsklassen voor water en vocht

Omgevingslucht bevat altijd waterdamp. Tijdens het comprimeren neemt de concentratie daarvan toe. Wanneer de perslucht vervolgens afkoelt tot het drukdauwpunt, kan de waterdamp condenseren.

Voor waterklasse 1 tot en met 6 wordt daarom het drukdauwpunt gebruikt. Klasse 4 staat bijvoorbeeld voor een drukdauwpunt van maximaal +3 °C. Bij klasse 7 tot en met 9 wordt in plaats daarvan gekeken naar de hoeveelheid vloeibaar water.

Het drukdauwpunt mag niet worden verward met de daadwerkelijke temperatuur van de perslucht. Het geeft de temperatuur aan waarbij waterdamp bij de betreffende druk begint te condenseren.

Om het vochtgehalte te verlagen, worden persluchtdrogers gebruikt. Voor veel industriële toepassingen kan een koeldroger geschikt zijn. Wanneer een veel lager drukdauwpunt nodig is, wordt vaak gekozen voor een adsorptiedroger.

Zuiverheidsklassen voor olie

Bij olie kijkt ISO 8573-1 naar het totale oliegehalte. Daaronder vallen vloeibare olie, olie-aerosolen en oliedamp.

Olie kan afkomstig zijn uit de aangezogen omgevingslucht, uit een oliegesmeerde compressor of uit andere onderdelen van het persluchtsysteem. Olie-aerosolen kunnen met geschikte filters worden gereduceerd. Voor oliedamp is een andere behandeling nodig, bijvoorbeeld met actief koolfilters.

Wat betekent klasse 0 bij perslucht?

Klasse 0 betekent niet dat de perslucht volledig vrij is van deeltjes, water of olie. Het is ook geen algemeen synoniem voor "olievrije perslucht".

Bij klasse 0 wordt voor de betreffende verontreiniging een grenswaarde afgesproken tussen gebruiker en leverancier. Deze grenswaarde moet strenger zijn dan die van klasse 1.

Een goede klasse-0-specificatie moet daarom duidelijk aangeven voor welke verontreiniging de eis geldt, welke grenswaarde moet worden bereikt en op welke plaats in het persluchtsysteem deze wordt gemeten.

Voorbeeld: wat betekent ISO 8573-1 [2:4:1]?

Een veelgebruikt voorbeeld is ISO 8573-1 [2:4:1]. Dit betekent:

  • 2: Vaste deeltjes voldoen aan deeltjesklasse 2;
  • 4: Water voldoet aan waterklasse 4, met een drukdauwpunt van maximaal +3 °C;
  • 1: Het totale oliegehalte voldoet aan olieklasse 1 en bedraagt maximaal 0,01 mg/m³.

Daarom is een uitspraak als "de perslucht is klasse 1" niet voldoende. Er moet altijd duidelijk zijn of het cijfer betrekking heeft op deeltjes, water of olie.

Welke ISO 8573-1-klasse heb je nodig?

ISO 8573-1 schrijft niet voor iedere branche één vaste persluchtklasse voor. De juiste klasse moet worden bepaald aan de hand van de daadwerkelijke toepassing.

Let daarbij onder andere op:

  • De eisen van de machine- of installatieleverancier;
  • Direct of indirect contact met een product;
  • Gevoeligheid voor deeltjes, vocht of olie;
  • De laagste temperatuur in het leidingnet;
  • Kwaliteits- en hygiëne-eisen;
  • Eventuele aanvullende branche- of procesnormen.

Ook binnen één bedrijf kunnen verschillende machines daarom een andere persluchtkwaliteit nodig hebben.

Hoe bereik je de gewenste persluchtkwaliteit?

De gewenste klasse wordt meestal niet met één enkel component bereikt. Een professionele persluchtbehandeling bestaat uit een combinatie van technieken.

Afhankelijk van de vereiste kwaliteit kunnen bijvoorbeeld condensafscheiding, voorfiltratie, fijnfiltratie, droging en actieve-koolfiltratie worden gecombineerd.

Welke configuratie nodig is, hangt af van de kwaliteit van de aangezogen lucht, de compressor, het luchtverbruik, de werkdruk, de temperatuur en vooral de vereiste kwaliteit aan het afnamepunt. De complete installatie moet daarom als één systeem worden beoordeeld.

Veelgemaakte fouten bij ISO 8573-1

Is klasse 0 volledig vrij van verontreinigingen?

Nee. Klasse 0 is een specifiek afgesproken grenswaarde die strenger moet zijn dan klasse 1 voor dezelfde soort verontreiniging.

Is een drukdauwpunt van +3 °C hetzelfde als een luchttemperatuur van +3 °C?

Nee. Het drukdauwpunt geeft aan wanneer het aanwezige vocht onder druk begint te condenseren. Het is niet de temperatuur van de uitstromende perslucht.

Kan een persluchtfilter een droger vervangen?

Nee. Filters kunnen vaste deeltjes, vloeistofdruppels en afhankelijk van het type olie-aerosolen reduceren. Voor het verlagen van het gehalte aan waterdamp is een geschikt droogproces nodig.

Welke ISO-klasse geldt voor bijvoorbeeld de voedingsmiddelenindustrie?

Daarvoor bestaat geen universele ISO 8573-1-combinatie. De benodigde luchtkwaliteit hangt af van het specifieke proces, het gebruik van de perslucht en eventuele aanvullende kwaliteits- en hygiëne-eisen.

De juiste persluchtkwaliteit begint bij de toepassing

ISO 8573-1 biedt een uniforme manier om perslucht te classificeren op basis van vaste deeltjes, water en olie. Het belangrijkste is dat de drie waarden afzonderlijk worden beoordeeld en dat de vereiste kwaliteit wordt bepaald op basis van het daadwerkelijke gebruik van de perslucht.

Vanuit die eisen kan vervolgens de juiste combinatie van filters, droging en aanvullende behandeling worden gekozen. Zo wordt de benodigde luchtkwaliteit bereikt zonder de installatie onnodig complex te maken.

Meer weten over filtratie en droging van perslucht?

De juiste persluchtkwaliteit bereik je door filtratie en droging goed op elkaar af te stemmen. Wil je dieper ingaan op een specifiek onderdeel van de persluchtbehandeling? Lees dan ook:

Gerelateerde producten